Naar de inhoud
Academisch schrijvenAlgemeenBachelor / Master

APA 7 citeren: complete gids voor bronvermelding in tekst en literatuurlijst

Leer APA 7 citeren met duidelijke regels voor in-tekstverwijzingen, literatuurlijst, veelgebruikte bronsoorten en herkenbare studentenvoorbeelden.

Texio Academic Writing Team19 min lezen
Zes bronkaarten verbonden met twee tekstverwijzingen — APA 7 citeren
Een gestructureerd citation-web waarin bronkaarten gekoppeld zijn aan verwijzingen in de tekst.

APA 7 citeren betekent dat je in de tekst kort verwijst met auteur en jaartal, en achteraan een volledige literatuurlijst opneemt. De kern is consistentie: elke bron in de tekst staat in de literatuurlijst, elke literatuurlijstvermelding volgt hetzelfde APA bronvermelding format, en directe citaten krijgen een paginanummer of vergelijkbare locatie.

APA 7 citeren: complete gids voor bronvermelding in tekst en literatuurlijst

Je hebt eindelijk genoeg bronnen gevonden, maar zodra je begint te schrijven, raak je kwijt waar de haakjes moeten, wanneer je een paginanummer gebruikt en waarom je literatuurlijst ineens anders moet dan je verwijzingen in de tekst. APA 7 citeren voelt dan niet als een stijlregel, maar als een reeks kleine valkuilen die je paper slordig laten lijken. Zeker bij een scriptie, bachelorproef, seminar paper of masterpaper wil je niet op het einde ontdekken dat dezelfde auteur drie keer anders gespeld staat, of dat een website in de tekst voorkomt maar niet achteraan. De oplossing is niet meer regels uit je hoofd leren, maar begrijpen welk deel van APA welk probleem oplost: vindbaarheid, controleerbaarheid en eerlijk gebruik van bronnen.

APA 7 citeren betekent dat je in de tekst kort verwijst met auteur en jaartal, en achteraan een volledige literatuurlijst opneemt. De kern is consistentie: elke bron in de tekst staat in de literatuurlijst, elke literatuurlijstvermelding volgt hetzelfde APA bronvermelding format, en directe citaten krijgen een paginanummer of vergelijkbare locatie.

In this guide

Wat betekent APA 7 citeren precies?

APA 7 citeren is een systeem waarbij je bronnen in je tekst kort aanduidt en achteraan volledig beschrijft. De in-tekstverwijzing helpt de lezer snel zien op welke bron je steunt; de literatuurlijst geeft genoeg informatie om die bron terug te vinden. Bij studenten aan Nederlandse en Vlaamse universiteiten wordt APA vooral gebruikt in sociale wetenschappen, psychologie, onderwijs, gezondheidswetenschappen, communicatie en management.

De twee onderdelen van APA

In-tekstverwijzing — een korte verwijzing in je lopende tekst, meestal met auteur en jaartal, bijvoorbeeld: (Jansen, 2022) of Jansen (2022) stelt dat ....

Literatuurlijstvermelding — de volledige beschrijving achteraan, bijvoorbeeld: Jansen, M. (2022). Titel van het artikel. Naam van het Tijdschrift, 14(2), 33–48. https://doi.org/...

Die twee onderdelen horen bij elkaar. Als je in je tekst verwijst naar De Vries (2021), moet De Vries ook in je literatuurlijst staan. Andersom hoort een bron die je niet in de tekst gebruikt meestal niet in je literatuurlijst, ook al heb je die bron gelezen tijdens je voorbereiding.

Waarom APA meer is dan opmaak

APA gaat niet alleen over punten, komma’s en cursivering. Het systeem laat zien waar jouw eigen redenering eindigt en waar bewijs uit bestaande literatuur begint. Dat is vooral belangrijk in een literatuuronderzoek, theoretische paper of empirisch onderzoek waarin je meerdere bronnen met elkaar verbindt.

Bij het verzamelen van literatuur helpt het om bronnen niet los op te slaan, maar te groeperen rond thema’s of claims. De aanpak in Bronclusters rond een centrale controleknoop sluit daarbij aan: eerst bepaal je welke bronnen werkelijk relevant zijn, daarna verwerk je ze correct in tekst en literatuurlijst.

Wat APA 7 anders maakt dan oudere versies

APA 7 is de zevende editie van de APA-stijl. Vergeleken met APA 6 zijn onder meer de regels voor auteurs, uitgeverslocaties en online bronnen aangepast. Je noteert bij boeken bijvoorbeeld geen plaats van uitgave meer, en bij bronnen met drie of meer auteurs gebruik je in de tekst vanaf de eerste verwijzing et al..

Voor studenten is vooral dit praktisch: volg niet blind een voorbeeld uit een oude handleiding, want veel oudere schema’s zijn nog APA 6. Controleer daarom altijd of je werkt met APA 7e editie bronvermelding, zeker als je voorbeelden van internet gebruikt.

Hoe werkt citeren volgens APA in de tekst?

Citeren volgens APA in de tekst doe je met de achternaam van de auteur en het publicatiejaar. Bij een parafrase is auteur + jaar meestal genoeg; bij een letterlijk citaat voeg je een paginanummer of locatie toe. Je kiest tussen een verwijzing tussen haakjes en een verwijzing waarbij de auteur deel uitmaakt van je zin.

Parafrase, citaat en samenvatting

Parafrase — je geeft een idee uit een bron in je eigen woorden weer. Voorbeeld: Studenten ervaren feedback als bruikbaarder wanneer die concreet en taakgericht is (Van der Meer, 2021).

Direct citaat — je neemt woorden letterlijk over. Voorbeeld: Van der Meer (2021) noemt feedback “effectief wanneer studenten weten welke volgende stap verwacht wordt” (p. 44).

Samenvatting — je vat een groter deel van een bron samen. Ook dan verwijs je naar de bron, maar je hoeft niet na elke zin dezelfde haakjes te herhalen als duidelijk blijft dat de hele passage op dezelfde bron steunt.

Een veelvoorkomende misvatting is dat je alleen hoeft te verwijzen bij letterlijke citaten. Dat klopt niet. Ook ideeën, modellen, definities, meetinstrumenten en theorieën uit een bron krijgen een verwijzing.

Haakjesverwijzing of narratieve verwijzing

Bij een haakjesverwijzing staat de bron tussen haakjes: (Bakker, 2020). Die vorm gebruik je vaak wanneer de nadruk ligt op de inhoud van je zin.

Bij een narratieve verwijzing staat de auteur in de zin: Bakker (2020) laat zien dat .... Die vorm werkt goed wanneer je de bron actief bespreekt, bijvoorbeeld in een literatuurreview.

Gebruik beide vormen afwisselend, maar niet willekeurig. Als je een theorie introduceert, is een narratieve verwijzing vaak duidelijker. Als je meerdere bevindingen ondersteunt, kan een haakjesverwijzing beter werken: Eerdere studies koppelen slaapkwaliteit aan concentratieproblemen bij studenten (De Jong, 2019; Peters & Smit, 2021).

Meerdere auteurs in de tekst

Bij één auteur schrijf je: (Smeets, 2022). Bij twee auteurs gebruik je beide namen: (Smeets & Janssen, 2022) of Smeets en Janssen (2022). Let op: tussen haakjes gebruik je &; in een lopende Nederlandse zin schrijf je meestal en.

Bij drie of meer auteurs gebruik je vanaf de eerste verwijzing alleen de eerste auteur met et al.: (Verhoeven et al., 2023). In de literatuurlijst schrijf je de auteurs wel uitgebreider uit volgens de APA-regels. Dat verschil tussen tekst en literatuurlijst is normaal; probeer het niet “gelijk te trekken”.

Een bron koppelen aan je eigen argument

Bronnen horen niet als losse bewijsblokjes achter elke zin te hangen. Een goede alinea laat eerst zien welke claim jij maakt, welke bron die claim ondersteunt en wat de bron betekent voor jouw paper. Als je merkt dat elke zin met een bron begint, schrijf je waarschijnlijk een bronnenoverzicht in plaats van een argument.

Bij het structureren van alinea’s kan Visuele structuur van een academische alinea helpen: begin met je kernzin, voeg bewijs toe, leg de link uit en sluit af met relevantie voor je onderzoeksvraag.

Hoe maak je een APA 7e editie bronvermelding in de literatuurlijst?

Een APA 7e editie bronvermelding in de literatuurlijst volgt meestal vier onderdelen: auteur, datum, titel en bron. De volgorde verandert niet, maar de precieze opmaak verschilt per type bron. Denk daarom eerst: “Wat voor bron is dit?” en pas daarna het juiste format toe.

Het basisformat

Het basispatroon is:

Auteur, A. A. (Jaar). Titel. Broninformatie. DOI of URL

Voor een tijdschriftartikel ziet dat er vaak zo uit:

Achternaam, A. A., & Achternaam, B. B. (Jaar). Titel van het artikel. Titel van het Tijdschrift, volume(nummer), paginabereik. https://doi.org/...

Let op de details: alleen de tijdschrifttitel en het volumenummer staan cursief, niet de artikeltitel. De titel van een artikel krijgt in APA meestal geen hoofdletters voor elk belangrijk woord, behalve eigennamen en de eerste letter na een dubbele punt.

Volgorde en alfabetisering

De literatuurlijst staat alfabetisch op achternaam van de eerste auteur. Meerdere werken van dezelfde auteur orden je op jaartal, van oud naar nieuw. Als dezelfde auteur in hetzelfde jaar meerdere publicaties heeft, voeg je letters toe: 2021a, 2021b.

Dat klinkt klein, maar het voorkomt verwarring in de tekst. Als je schrijft (Koster, 2021a) moet de lezer meteen kunnen zien welke van de twee werken je bedoelt. Gebruik die letters dus zowel in de tekst als in de literatuurlijst.

DOI, URL en raadpleegdatum

Een DOI is een permanente digitale identificatiecode voor academische publicaties. Als een artikel een DOI heeft, gebruik je die als link: https://doi.org/.... Een gewone URL gebruik je vooral bij webpagina’s, rapporten of online documenten zonder DOI.

Een raadpleegdatum is in APA 7 meestal niet nodig. Je gebruikt die alleen wanneer de inhoud waarschijnlijk verandert, zoals bij dynamische webpagina’s, databanken of voortdurend bijgewerkte pagina’s. Voor een PDF-rapport van een organisatie is de publicatiedatum meestal genoeg.

Bronnen die je wel las maar niet citeert

Niet elke gelezen bron komt automatisch in de literatuurlijst. APA-literatuurlijsten bevatten bronnen waarnaar je daadwerkelijk verwijst in je tekst. Bronnen die alleen hielpen bij je oriëntatie kun je in je eigen notities bewaren, maar ze horen niet in de formele lijst.

Dat onderscheid is handig bij het schrijven van een literatuurreview. In Bronclusters en kennisleemte in een literatuuronderzoek draait het niet om zoveel mogelijk bronnen noemen, maar om bronnen selecteren die direct bijdragen aan je argument, onderzoekshiaat of theoretische lijn.

Welke APA literatuurlijst voorbeelden heb je het vaakst nodig?

De meeste studenten hebben vooral voorbeelden nodig voor tijdschriftartikelen, boeken, hoofdstukken, websites en rapporten. Begin met die vijf formats; daarmee dek je vaak het grootste deel van een bachelorpaper, bachelorproef, masterpaper of seminar paper. Controleer daarna uitzonderingen, zoals datasets, wetgeving, audiovisueel materiaal of software.

Veelgebruikte formats naast elkaar

BronsoortAPA bronvermelding formatVoorbeeld in de literatuurlijst
TijdschriftartikelAuteur. (Jaar). Titel artikel. Tijdschrift, volume(nummer), pagina’s. DOIDe Wit, L., & Peeters, R. (2022). Sociale steun en studie-uitstel bij eerstejaarsstudenten. Tijdschrift voor Onderwijspsychologie, 18(3), 145–162. https://doi.org/10.xxxx/voorbeeld
BoekAuteur. (Jaar). Titel van het boek. Uitgever.Verbruggen, T. (2020). Onderzoek doen in de praktijk. Noordhoff.
Hoofdstuk in geredigeerd boekAuteur hoofdstuk. (Jaar). Titel hoofdstuk. In Redacteur (Red.), Titel boek (pp. xx–xx). Uitgever.Meijer, S. (2021). Motivatie in online onderwijs. In K. Bos (Red.), Leren in digitale contexten (pp. 55–78). Boom.
WebpaginaAuteur of organisatie. (Jaar, dag maand). Titel pagina. Sitenaam. URLRIVM. (2023, 12 juni). Gezondheidsverschillen in Nederland. RIVM. https://www.rivm.nl/voorbeeld
RapportOrganisatie of auteur. (Jaar). Titel rapport (Rapportnummer indien aanwezig). Uitgever of organisatie. URLSociaal en Cultureel Planbureau. (2022). Jongeren en mentale druk. SCP. https://www.scp.nl/voorbeeld

Gebruik deze APA literatuurlijst voorbeelden als model, niet als invuloefening zonder nadenken. De grootste fout ontstaat wanneer studenten een webpagina behandelen als tijdschriftartikel, of een rapport als gewone website.

Tijdschriftartikel

Bij empirische artikelen is het tijdschriftformat het meest voorkomend. Neem de DOI op als die beschikbaar is. Gebruik geen database-URL uit je universiteitsbibliotheek als er een DOI bestaat.

Voorbeeld in de tekst: (De Wit & Peeters, 2022)

Voorbeeld in de literatuurlijst:

De Wit, L., & Peeters, R. (2022). Sociale steun en studie-uitstel bij eerstejaarsstudenten. Tijdschrift voor Onderwijspsychologie, 18(3), 145–162. https://doi.org/10.xxxx/voorbeeld

Boek, hoofdstuk en rapport

Een boek verwijs je als geheel wanneer je het hele werk gebruikt, bijvoorbeeld voor een theorie of methode. Een hoofdstuk in een geredigeerd boek gebruik je wanneer elk hoofdstuk een eigen auteur heeft. Een rapport komt vaak voor bij beleid, gezondheidszorg, onderwijs en management.

Bij rapporten is de organisatie soms de auteur. Schrijf dan niet nogmaals dezelfde organisatie als uitgever als dat overbodig wordt volgens de APA-regels. Kies een helder format en blijf consistent.

Webpagina’s en grijze literatuur

Grijze literatuur — bronnen die niet via een academisch tijdschrift of uitgever verschijnen, zoals beleidsrapporten, richtlijnen, jaarverslagen en overheidsdocumenten.

Voor studenten verpleegkunde kan een richtlijn over medicatieveiligheid bijvoorbeeld relevant zijn. Voor studenten bedrijfskunde kan een jaarverslag van een organisatie dienen als secundaire data. Zulke bronnen mogen bruikbaar zijn, maar je moet ze kritisch beoordelen. De vragen uit Controlekaart voor wetenschappelijke bronnen helpen om te bepalen of een bron betrouwbaar genoeg is voor je paper.

Hoe verschillen zwakke en sterke APA-verwijzingen?

Zwakke APA-verwijzingen zijn vaak niet fout door één komma, maar door onduidelijkheid: de lezer weet niet welke bron je bedoelt, waar het citaat vandaan komt of hoe de bron terug te vinden is. Sterkere verwijzingen maken de relatie tussen bron, tekst en literatuurlijst controleerbaar. De tabel hieronder laat typische studentversies zien en hoe je ze verbetert.

Zwakke versus sterkere studentversies

Zwakke studentversieSterkere herschrijving
Onderzoek toont aan dat sociale media slecht zijn voor jongeren (Jansen).Jansen (2021) laat zien dat intensief sociaalmediagebruik samenhangt met meer slaapklachten bij jongeren.
Volgens het RIVM is medicatieveiligheid belangrijk (www.rivm.nl).Het RIVM (2023) beschrijft medicatieoverdracht als een risicomoment bij ontslag uit het ziekenhuis.
“Feedback is belangrijk” (De Vries, 2020).De Vries (2020) stelt dat effectieve feedback taakgericht, tijdig en toepasbaar moet zijn (p. 28).
Veel werknemers vinden thuiswerken fijn (Smith et al.).Smith et al. (2022) vonden in een survey onder kantoormedewerkers dat autonomie een belangrijke voorspeller was van tevredenheid over hybride werken.

De sterkere versies doen drie dingen tegelijk. Ze noemen auteur en jaar, ze maken de inhoud specifieker, en ze geven genoeg context om de bron zinvol te verbinden aan het argument.

Niet alleen corrigeren, maar inhoud aanscherpen

Soms lijkt een APA-probleem eigenlijk een denkprobleem. Een zin als Onderzoek zegt dat motivatie belangrijk is is niet alleen zwak geciteerd; hij is ook inhoudelijk vaag. Welk onderzoek? Welke motivatie? Belangrijk voor welke uitkomst?

Een betere zin koppelt de bron aan een meetbaar of herkenbaar concept: In een studie onder eerstejaarsstudenten vonden De Lange en Vos (2021) dat intrinsieke motivatie samenhing met minder uitstelgedrag bij schrijftaken. Dat is niet alleen netter volgens APA, maar ook bruikbaarder voor je eigen analyse.

Parafraseren zonder bronvervaging

Parafraseren betekent niet dat je een zin herschrijft en de bron daarna bijna onzichtbaar maakt. De bron blijft eigenaar van het idee. Als je drie zinnen lang een model uitlegt, zet dan aan het begin duidelijk van wie het model is en zorg dat de lezer niet denkt dat jij het model zelf hebt bedacht.

Een praktische aanpak:

  1. Noteer eerst de kernclaim van de bron in één zin.
  2. Schrijf daarna in je eigen woorden waarom die claim relevant is voor je paper.
  3. Voeg de APA-verwijzing toe bij de zin waarin het bronidee voor het eerst verschijnt.
  4. Controleer of de bron ook volledig in je literatuurlijst staat.

Deze volgorde voorkomt dat je achteraf willekeurig haakjes toevoegt aan tekst die inhoudelijk nog niet klopt.

Welke fouten maken studenten vaak bij APA 7 citeren?

Studenten maken bij APA 7 citeren vooral fouten doordat ze te laat beginnen, formats mengen of broninformatie onvolledig opslaan. De meeste problemen ontstaan niet tijdens de laatste opmaakronde, maar weken eerder bij het lezen en noteren. Wie brongegevens vanaf het begin goed vastlegt, hoeft vlak voor de deadline minder te gokken.

1. De “losse URL als bron”-fout

Voorbeeld: Volgens https://www.who.int/news-room/fact-sheets/detail/patient-safety is patiëntveiligheid belangrijk.

Correctie: een URL is geen auteur. Zoek de organisatie, datum, paginatitel en sitenaam. In de tekst schrijf je bijvoorbeeld: De Wereldgezondheidsorganisatie (2023) beschrijft medicatiefouten als een belangrijk risico voor patiëntveiligheid. In de literatuurlijst geef je de volledige webpagina volgens APA.

2. De “jaartal vergeten bij narratieve verwijzing”-fout

Voorbeeld: Volgens Bandura speelt self-efficacy een rol bij motivatie.

Correctie: bij APA hoort het jaartal erbij: Bandura (1997) beschrijft self-efficacy als het vertrouwen in het eigen vermogen om gedrag succesvol uit te voeren. Zonder jaartal kan de lezer niet zien op welk werk je doelt, zeker bij auteurs met meerdere publicaties.

3. De “alles aan het einde van de alinea”-fout

Voorbeeld: Feedback moet duidelijk zijn. Studenten moeten weten wat ze kunnen verbeteren. De timing maakt ook uit. (Hattie & Timperley, 2007)

Correctie: maak eerder duidelijk dat de alinea op die bron steunt: Hattie en Timperley (2007) onderscheiden feedback op taak-, proces- en zelfregulatieniveau. In een onderwijscontext betekent dit dat studenten niet alleen moeten horen wat fout is, maar ook welke volgende stap mogelijk is.

4. De “literatuurlijst zonder tekstverwijzing”-fout

Voorbeeld: je literatuurlijst bevat vijftien bronnen, maar in je tekst worden er maar negen genoemd.

Correctie: verwijder bronnen die je niet gebruikt of verwerk ze inhoudelijk waar ze werkelijk bijdragen. Een literatuurlijst is geen leesdagboek. Als je moeite hebt om te bepalen welke bronnen jouw argument dragen, helpt de werkwijze in Van losse bronnen naar één kernargument.

5. De “APA 6 en APA 7 door elkaar”-fout

Voorbeeld: Amsterdam: Boom opnemen bij een boek, terwijl APA 7 geen plaats van uitgave meer vraagt.

Correctie: gebruik het APA 7-format: Verbruggen, T. (2020). Onderzoek doen in de praktijk. Boom. Controleer vooral oude voorbeelden, scripties van eerdere jaren en automatische generatoren die niet duidelijk aangeven welke editie ze gebruiken.

Hoe pas je APA toe in verschillende vakgebieden?

APA werkt in elk vakgebied volgens dezelfde basislogica, maar het soort bronnen verschilt per discipline. In psychologie citeer je vaak empirische tijdschriftartikelen; in verpleegkunde ook richtlijnen en protocollen; in onderwijs of management vaker rapporten, beleidsdocumenten en praktijkgerichte studies. De kunst is om het brontype juist te herkennen voordat je het format kiest.

Sociale wetenschappen en psychologie

Stel dat je een bachelorpaper psychologie schrijft over de relatie tussen slaapkwaliteit en concentratie bij eerstejaarsstudenten. Je gebruikt waarschijnlijk surveyonderzoek, schaalvalidaties en artikelen over cognitieve prestaties. In je tekst kan dat zo:

Slechte slaapkwaliteit hangt bij studenten samen met meer zelfgerapporteerde concentratieproblemen (Peters & De Graaf, 2021).

Als je een meetinstrument gebruikt, citeer dan niet alleen het artikel waarin iemand het instrument toepast, maar ook de bron waarin de schaal is ontwikkeld of gevalideerd. Dat maakt je methode controleerbaarder.

Gezondheidswetenschappen en verpleegkunde

Bij een verpleegkundige bachelorproef over medicatietrouw bij oudere patiënten na ontslag naar thuiszorg gebruik je mogelijk wetenschappelijke artikelen, een richtlijn en een rapport van een zorgorganisatie. Een richtlijn kan relevant zijn voor de praktijkcontext, maar je empirische claims moeten bij voorkeur steunen op onderzoek.

Voorbeeld: Bij oudere patiënten kan een onduidelijke medicatieoverdracht na ontslag bijdragen aan verkeerd medicijngebruik in de thuissituatie (RIVM, 2023).

Let op bij protocollen van stage-instellingen. Die zijn vaak nuttig, maar niet altijd openbaar vindbaar. Als je instelling specifieke regels heeft voor interne documenten, volg die naast APA.

Onderwijs, management en rechten

In een onderwijskundige paper over formatief toetsen citeer je vaak studies over feedback, onderwijsrapporten en beleidsdocumenten. In een managementpaper over hybride werken combineer je mogelijk academische artikelen met jaarverslagen of HR-rapporten. Bij rechten kan APA voorkomen in sociaaljuridische of interdisciplinaire opdrachten, maar juridische bronverwijzing kan daarnaast eigen regels hebben.

Voorbeeld management: In onderzoek naar hybride werken bleek autonomie een terugkerende voorspeller van werktevredenheid onder kantoormedewerkers (Smith et al., 2022).

Voorbeeld onderwijs: Docenten gebruiken formatieve toetsing effectiever wanneer feedback expliciet wordt gekoppeld aan leerdoelen (De Vries, 2020).

Hoe controleer je je APA bronvermelding format voordat je inlevert?

Je controleert je APA bronvermelding format het best in twee rondes: eerst inhoudelijk, daarna technisch. In de inhoudelijke ronde kijk je of elke bron nodig, betrouwbaar en correct gekoppeld is aan je argument. In de technische ronde controleer je volgorde, interpunctie, cursivering, DOI’s, auteursnamen en consistentie tussen tekst en literatuurlijst.

Een praktische controlevolgorde

Werk niet willekeurig door je literatuurlijst heen. Begin bij de tekst, omdat daar blijkt welke bronnen je werkelijk gebruikt. Daarna controleer je achteraan of elke bron volledig vindbaar is.

  1. Markeer elke in-tekstverwijzing in je document.
  2. Zoek per verwijzing de bijbehorende literatuurlijstvermelding.
  3. Controleer of auteur en jaartal exact overeenkomen.
  4. Bepaal het brontype: artikel, boek, hoofdstuk, webpagina, rapport of iets anders.
  5. Pas het juiste APA 7-format toe.
  6. Controleer DOI of URL.
  7. Verwijder bronnen uit de literatuurlijst die nergens in de tekst voorkomen.
  8. Lees je tekst opnieuw op brongebruik: parafraseer je genoeg en citeer je alleen letterlijk wanneer dat nodig is?

Voor je verdergaat: checklist APA 7 citeren

  • Elke bron die in de tekst staat, komt ook voor in de literatuurlijst.
  • Elke bron in de literatuurlijst wordt minstens één keer in de tekst genoemd.
  • Parafrases hebben auteur en jaartal.
  • Directe citaten hebben auteur, jaartal en paginanummer of vergelijkbare locatie.
  • Bronnen met drie of meer auteurs gebruiken in de tekst vanaf het begin et al..
  • Boeken bevatten geen plaats van uitgave meer.
  • Tijdschriftartikelen hebben een DOI als die beschikbaar is.
  • Webpagina’s hebben auteur of organisatie, datum, titel, sitenaam en URL.
  • De literatuurlijst staat alfabetisch op achternaam van de eerste auteur.
  • Cursivering, hoofdletters en interpunctie zijn consequent toegepast.
  • Je gebruikt geen APA 6-voorbeelden door je APA 7e editie bronvermelding heen.
  • Je APA literatuurlijst voorbeelden zijn aangepast aan je eigen brontype, niet blind gekopieerd.

Laatste inhoudelijke check

Vraag jezelf bij elke bron af: ondersteunt deze bron een claim die ik echt maak? Als het antwoord nee is, heb je waarschijnlijk een bron toegevoegd om je lijst langer te laten lijken. Dat helpt je paper niet.

Een goede APA-controle eindigt daarom niet bij punten en komma’s. Je kijkt ook of je brongebruik academisch eerlijk is: niet te weinig verwijzen, niet overdreven veel citeren en geen bronnen noemen die je argument niet dragen.

(Metadata voor buildsysteem — niet verwijderen)

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen citeren en parafraseren volgens APA 7?

Citeren is letterlijk woorden uit een bron overnemen; parafraseren is een idee uit een bron in je eigen woorden weergeven. Bij een direct citaat gebruik je aanhalingstekens en voeg je een paginanummer toe. Bij een parafrase zijn auteur en jaartal meestal genoeg, al kan een paginanummer nuttig zijn bij een heel specifieke passage.

Hoeveel bronnen moet ik in APA gebruiken voor een bachelor- of masterpaper?

Er is geen vast APA-aantal bronnen voor bachelor- of masterpapers. Het aantal hangt af van je opdracht, vakgebied, onderzoeksvraag en type paper. Een korte seminar paper heeft vaak minder bronnen nodig dan een uitgebreide bachelorproef of masterpaper, maar elke bron moet inhoudelijk iets toevoegen.

Moet ik bij elke zin een APA-verwijzing zetten?

Nee, niet bij elke zin, maar wel telkens wanneer je een idee, bevinding, theorie, definitie of formulering uit een bron gebruikt. Als een hele alinea op één bron steunt, maak dan vroeg in de alinea duidelijk welke bron dat is. Voorkom wel dat de lezer niet meer kan zien waar jouw eigen interpretatie begint.

Hoe verwijs ik naar een bron met drie of meer auteurs in APA 7?

Bij drie of meer auteurs gebruik je in de tekst vanaf de eerste verwijzing de eerste achternaam gevolgd door `et al.` en het jaartal. Bijvoorbeeld: `(Verhoeven et al., 2023)`. In de literatuurlijst schrijf je de auteurs uit volgens de APA 7-regel voor auteursvermeldingen.

Moet ik een website altijd met een raadpleegdatum opnemen?

Nee, meestal niet. Een raadpleegdatum is vooral nodig bij pagina’s waarvan de inhoud regelmatig verandert, zoals dynamische databanken of pagina’s zonder vaste publicatieversie. Voor gewone webpagina’s gebruik je auteur of organisatie, datum, titel, sitenaam en URL.